Struisvogelboerderij Monnikenwerve, misschien wel de leukste bezoekboerderij van Nederland!
    Home
    Over de boerderij
    Opening/tarieven
    Lederwaren / producten
    Waar vindt u ons?
    Aktueel / Evenementen
    Over struisvogels
    Fotoboeken
    Gastenboek
    Links
 

Wist u dat:

Struisvogels kunnen niet vliegen, maar weten dat perfect te compenseren door hun spring- en loopvermogen. Met hun enorme poten halen de loopvogels topsnelheden tot 65 km per uur en daarmee is het de snelste tweevoeter van het dierenrijk. Lopen doen ze op slechts twee tenen, waarvan de grootste voorzien is van een enorme nagel, in plaats van met vier tenen zoals andere vogels. Ook hun uithoudingsvermogen is indrukwekkend, want ze zijn in staat hun topsnelheid maar liefst een half uur lang vol te houden! Eenmaal op de loop, zit er tussen iedere stap van een struisvogel 2,5 tot 3 meter.


DE STRUISVOGEL

Klik om naar het onderwerp te springen... Klik om naar de foto te springen...

Een stukje historie over de Struisvogel

Twee Struisvogelkuikens
Eigenschappen van de Struisvogel Een Struisvogelpoot (tekening)
Een Struisvogel van één jaar
Het bruidsritueel Een Struisvogelkop
De voortplanting van de Struisvogel Een rennende Struisvogel (tekening)
De voortplanting in de natuur Baltsen van een Struisvogel (tekening)
Mama Jane met een pas gelegd ei
De eieren van de Struisvogel Struisvogel-, emoe- en kippeneieren
Het uitbroeden van de eieren De Struisvogel komt uit het ei
De groei en voeding van de Struisvogel Een kudde jonge Struisvogels
Huisvesting van broedvogels Een Struisvogelkuiken
Hoe slaapt een Struisvogel? Een drinkende Struisvogel
Verhuizen van dieren Een haan en een hen
Struisvogels in de wei
Stress bij Struisvogels De emoe
Hoe kunnen we dus stress voorkomen? Zo vang je een Struisvogel
Emoes Struisvogelleer
Weetjes Dank u voor uw bezoek
Milieuvriendelijk? Hofstede Monnikenwerve
Wat kun je allemaal gebruiken van de Struisvogel?
Uitleg over cosmetica

Hoe het tot stand is gekomen
dat wij Struisvogels gingen houden.

In de paasvakantie van 1997 zijn we met ons gezin 1 week naar Drenthe op vakantie geweest. We hadden een huisje gehuurd in het dorpje Dalen, vlakbij Coevorden. Wij waren van plan om tijdens onze vakantie daar elke dag trips te maken, omdat we gehoord hadden dat Drenthe een mooie provincie is. We hebben onder andere de hunebedden bezocht, wat interessant was voor de kinderen omdat ze daar in de geschiedenisles op school net over hadden gesproken.

De 3e dag van onze vakantie waren we onderweg naar Assen en wat zag ons oog: Struisvogels. We zijn even gestopt en hebben wat foto's van deze dieren gemaakt. De hele dag is er over deze dieren gesproken. We hadden geen rust meer en wilden meer te weten komen over deze op het eerste gezicht toch wel eigenaardige dieren. We zijn gewoon naar de Struisvogelboerderij gereden en hebben aangebeld.


Dhr. Bosman woonde er en hij had alle tijd om ons een rondleiding te geven en om veel van onze vragen te beantwoorden. Toen de middag verstreken was en we koffie hadden gedronken en Struisvogelvlees hadden geproefd, zijn we terug gegaan naar ons vakantiehuisje met het idee om de laatste dag voor vertrek nog even langs te gaan en wat vlees te kopen. Dhr Bosman en zijn assistent verleenden ons alle informatie die ze geven konden. Wij vonden alleen dat er nogal onduidelijke informatie over de vleesafzet en over de jonge vogels was gegeven. Desondanks was bij ons toch wel het idee gegroeid om zelf ook Struisvogels te gaan houden.

Thuisgekomen hebben wij de dierenarts in Aardenburg om inlichtingen over de Struisvogel gevraagd, over ziekten en gewoontes van de vogel. Deze heeft ons echter doorverwezen naar iemand met ervaring in de Struisvogelwereld. Na lange gesprekken waren wij, zo zou men kunnen zeggen, met het Struisvogelvirus besmet. Het was voor ons ook een andere richting in het bedrijf die misschien wel perspectief bood. Het stond volgens ons nog steeds in de kinderschoenen en er was ook zo weinig over te lezen dat je alleen door praktijkervaring veel te weten kon komen. We dachten, alles moet je leren, dus dit werd ons avontuur dat we graag wilden beginnen.

Zo zijn we dus met Pasen op het idee gekomen om deze dieren te gaan houden en 3 maanden later, na heel hard werken aan stal en weiden, zijn bij ons op 15 juli 1997 de eerste Struisvogels gearriveerd. Nu, zo'n 6 jaar later, hebben we al veel geleerd over de Struisvogels. Als ze ziek zijn gaan ze meestal dood, je kunt er haast niets tegen doen. Ze zijn heel nieuwsgierig en lief en worden heel eigen aan hun verzorgers. Struisvogels houden is op dit moment een nieuwe richting in de Nederlandse landbouw en men zal er dan ook steeds meer zien rondlopen. Het is voor ons een nieuwe uitdaging, terwijl deze vogels reeds oude bekenden zijn in Afrika, Australië en Amerika.

Een stukje historie over de Struisvogel.

Vogels zijn vliegende dieren en de meeste van hun lichamelijke kenmerken houden verband met hun vliegvermogen. Er zijn evenwel ook vogels die niet tot vliegen in staat zijn, waarvan de loopvogels de bekendste en belangrijkste groep vormen. Ze zijn in veel van hun kenmerken primitiever dan de meeste andere nu levende vogels. Daarom veronderstelde men vroeger dat de loopvogels zich van de rest van de vogelstam reeds hadden afgescheiden in een tijd waarin de vogels het vliegen nog niet hadden uitgevonden. Ze hebben alle een vogelskelet, dat zich fundamenteel niet onderscheidt van dat van de vliegende vogels. Hun vleugels vertonen pennen en dekveren. Deze vogels stammen met zekerheid af van de vliegende vogels, maar hebben door hun lichaamsgewicht het vermogen tot vliegen verloren. Dit heeft geleid tot verandering van hun beenderen, spieren en vleugels. De Afrikaanse Struisvogel is de enige nu nog levende soort die verwant is aan de Struisvogel die ca. 55 miljoen jaar geleden leefde in grote gebieden in Azië, Europa en Afrika. Struisvogels leven in de natuur met volledige families bij elkaar, meestal in groepen tot 20 dieren. Deze kunnen zich verzamelen tot heel grote kuddes van wel 500 stuks. In het wild zijn de kleine dieren zeer kwetsbaar, ondanks hun mooie schutkleur. Gemiddeld kan een Struisvogel in de woestijn 20 tot 30 jaar oud worden. Ze moeten elke dag weer opnieuw zorgen voor voedsel, zoals bessen van struiken, bladeren van bomen en kleine insecten.

Eigenschappen van de Struisvogel

Hoe ziet een Struisvogel er nu uit:


Twee struisvogelkuikens

Een pasgeboren kuiken heeft een mooie licht- en donkerbruine kleur en de nek heeft een mooie tekening welke jammer genoeg later verdwijnt. Boven op de rug van de kleine kuikentjes zien we kleine harde veertjes die wel op de stekels van een stekelvarken lijken. Ze zijn ook zo hard en ze verdwijnen heel langzaam. Een volwassen hen heeft mooie zilvergrijze veren met onder aan de vleugels lange witte veren, de nek is lichtgrijs en ze hebben een donkere snavel en donkere poten. Een volwassen haan ziet er wat betreft zijn kleur veel mooier uit, zijn veren zijn ravenzwart, zijn nek is lichtgrijs of zwart. Zijn snavel en poten zijn rood in de zomer en lichtroze in de winter. Hij heeft ook hele mooie witte veren onderaan zijn vleugels.

Een pas geboren kuiken heeft een gewicht tussen 800 gram en l kilo, een Struisvogel van l jaar weegt op slachtgewicht l00 kg, een volwassen broedvogel kan tussen l30 en l60 kg wegen naar gelang het een haan of een hen is. De Struisvogel is de grootste en zwaarste vogel ter wereld. Hij behoort tot de loopvogels. Een Struisvogel kan niet vliegen, hij is daarentegen een uitstekende hardloper. Hij kan een snelheid bereiken van 70 km per uur. Al rennend maakt hij zonder moeite passen van 2,5 meter lang. Er zijn enkele dieren die sneller kunnen lopen dan een Struisvogel, zoals een jachtluipaard, maar deze kan zijn topsnelheid slechts enkele minuten volhouden. Een Struisvogel daarentegen heeft een groter uithoudingsvermogen. Hij kan wel 15 minuten lang 70 km per uur lopen, en dan nog een heel lange tijd 50 tot 60 km. De Struisvogel heeft een voet met twee tenen, een grote teen met een scherpe nagel en een kleinere tweede buitenteen.


Een struisvogelpoot

Een volwassen Struisvogel kan ruim 2,5 meter hoog worden. Een Struisvogel kan in de natuur ongeveer 20 tot 30 jaar oud worden, in gevangenschap ongeveer 60 jaar worden. Hij kan dus oud worden.


Een struisvogel van één jaar oud

Struisvogels zijn best gezellige en handelbare dieren, ze zijn vriendelijk en erg nieuwsgierig. Ze schrikken gauw van bepaalde geluiden en lopen dan snel weg, maar ze komen ook weer vlug terug. Als we een Struisvogel van heel dichtbij bekijken, kan je zien dat ze enorm mooie ogen hebben. De ogen van een Struisvogel zijn ook erg bijzonder. Het gezichtsvermogen is bij een Struisvogel het sterkst ontwikkelde zintuig. Het zijn de grootste ogen van alle vogelsoorten, ze kunnen wel 3 km ver alle kleine dieren onderscheiden, wat in de natuur een bescherming is om de vijand op lange afstand te zien aankomen. Ze hebben een heel bijzonder ooglid, een derde vlies wat bij de broeddieren heel goed zichtbaar is, wat als bescherming dient voor opwaaiend zand, e.d. Ook hebben ze wimpers waar je als vrouw wel eens jaloers op kan zijn, hele mooie lange wimpers.


Een struisvogelkop

De oren zitten achter op de kop, ze zijn niet goed zichtbaar want het zijn kleine openingen met fijne haartjes erover. De Struisvogels hebben ondanks hun kleine oortjes een heel scherp gehoor. Men vraagt zich ook wel eens af of zo'n vogel nu wel of niet intelligent is. Ze hebben maar een kleine hoeveelheid hersens, ongeveer 15 gram. Toch weten ze precies wie hun verzorgers zijn en wanneer ze eten krijgen. De vogels kunnen enorm goed tegen de warmte. In de woestijn is het overdag wel 40 graden. Ze zetten hun veren dan helemaal open zodat de huid kan ventileren. 's Nachts als het koud is zitten de veren heel dicht op de huid om alle verzamelde warmte bij zich te houden. Als een Struisvogel een bed van zand heeft, of lichte grond vindt hij het heel erg fijn om zich daarin te wassen. Hij gaat op de grond liggen en beweegt met zijn nek heen en weer over de grond, ook beweegt hij zijn veren.

  


Een rennende Struisvogel

Het bruidsritueel

Bij ons in de weide gaat de haan liggen walsen. Hij gaat op zijn knieën zitten, zet zijn veren volledig op, zijn nek legt hij languit op zijn rug en dan gaat hij steeds met vleugels en nek van links naar rechts. Ook heeft hij een lokroep voor de hen, waardoor zijn nek volgeblazen wordt met lucht en hij op een heel bijzondere manier kan roepen. Dit geluid vind ik persoonlijk lijken op het loeien van koeien. Het is tot best ver in de omtrek te horen. In onze weide lopen verschillende hanen en hennen en we kunnen niet echt zeggen dat de haan een territorium heeft afgebakend, daar is de weide niet groot genoeg voor. Veel vechten doen onze hanen niet, ze maken wel eens ruzie, maar dat is nooit van lange duur. In de natuur daarentegen bakenen de hanen door hun lokroep een bepaald gebied af en kómt er een andere haan in de buurt of op zijn territorium dan vechten de hanen totdat er zich één gewonnen geeft en wegloopt, of ze vechten tot er één dood is. Dit gebeurt meestal met die gevaarlijke nagel aan zijn grote teen die enorm diepe wonden kan aanbrengen.


De voortplanting van de Struisvogel.

Een volwassen hen van twee jaar gaat aan haar eerste legseizoen beginnen samen met een even oude hen en een haan die 1 jaar ouder is. Een trio noemt men dit, wat als de ideale combinatie voor een goede bevruchting wordt aangegeven. Als een haan een hen wil lokken, gaat hij heel mooi liggen walsen met zijn hoofd heen en weer over zijn rug. De hen die zich geroepen voelt, gaat na verloop van tijd klapperen met haar vleugels en doet haar hoofd naar beneden. Als ze elkaar hebben gevonden gaat de haan haar ook roepen en bij dit geroep krijgt hij een heel dikke nek. Hij blaast de lucht uit de luchtpijp in de mond, houdt de snavel stijf dicht en drukt de lucht zo terug in de keel waardoor de dikke nek ontstaat. Er klinkt een dof geluid wat ver hoorbaar is, dat de andere hanen en hennen moet laten weten: hier is mijn territorium. Zijn "stem" is in staat tot welluidende roepklanken, tot doffe en schorre roepklanken, tot snuiven, sissen en een op grote afstand hoorbare baltsroep.


Baltsen van een Struisvogel

Het roepen van de Struishanen in de paringstijd lijkt op het geluid van een leeuw op grote afstand. De hen gaat liggen en de haan gaat boven op haar zitten, hij gaat heel mooi met zijn hoofd steeds heen en weer tot dit ritueel ten einde is. Wanneer Struisvogels in de leeftijd komen dat ze geslachtsrijp zijn, moet je er altijd voor zorgen dat ze een goede omgeving hebben waar ze rustig hun eieren kunnen leggen. Ideaal is het, wanneer men 1 haan met 2 hennen samen in één hok met bijbehorende weide stopt waar ze voldoende ruimte hebben. Ergens in de wei leg je een grote hoop zand waar de haan vervolgens een put in maakt. De hen zal hier dan haar eieren in leggen. Hanen zijn, als ze in de broedperiode komen, naar men zegt gevaarlijker dan hennen, want ze beschermen de eieren en de hennen voor vreemden. Als hanen in de broedperiode zijn gaan ze ook heel mooi dansen om de hennen op de knieën te krijgen. Hun snavel en poten veranderen in die periode ook van kleur, die worden dan rood. De hennen gaan in deze periode met hun vleugels klapperen om de haan tot zich te roepen. Als er eenmaal een ei in het nest ligt, is het beter om de vogels even in hun hok op te sluiten voordat men het ei gaat rapen. Zo voorkom je dat ze rare sprongen gaan maken of je aanvallen.

De voortplanting in de natuur

In de natuur worden de eieren van alle Struisvogels van de kudde samen in één groot nest gelegd, waar wel 25 eieren in liggen. Overdag beschermt de hen de eieren tegen de felle zon, 's nachts daarentegen bewaakt de haan het nest tegen indringers. De eierschalen zijn zó dik dat het voor een roofdier erg moeilijk is om er doorheen te komen. Een arend is zo slim om telkens met een steen op dezelfde plaats te slaan, zodanig dat het ei plotsklaps toch breekt en dan kan hij het ei lekker oppeuzelen. Voor slangen e.d. is het ei veel te groot om te breken of te stelen. Elke Struisvogelhaan kan twee of meerdere hennen bevruchten, we spreken dan van een hoofdhen en van een bijhen. De hoofdhen legt in de natuur haar eieren in het midden van het nest, door dit natuurlijk instinct worden juist die eieren beschermd tegen roofdieren. De hoofdhen is altijd dezelfde, de bijhen kan variëren De hoofdhen is een dominante hen en tolereert dat de bijhennen hun eieren in hetzelfde nest leggen. Wanneer het nest echter vol is jaagt de hoofdhen alle bijhennen weg en gaat ze samen met de haan de eieren uitbroeden, hetgeen 6 weken duurt. Als er eenmaal enkele kuikens geboren zijn, gaat de hen samen met de kuikens aan de wandel en de haan blijft waken over de rest van de eieren. Op een gegeven moment, als het te lang duurt maakt de haan met zijn borstkas de eieren kapot. Hij haalt de kuikens er niet zachtzinnig uit en eet direct het vlies op. Dit is om de bloedlucht direct weg te halen voor eventuele roofdieren.


Mama Jane met een pas gelegd ei

De eieren van de Struisvogel

Struisvogeleieren zijn de grootste eieren ter wereld. Deze eieren bereiken gemiddeld een gewicht van 1,5 kg per stuk en kunnen 15 tot 20 cm breed worden. De eieren zijn mooi, roomkleurig met een mooie natuurlijke glans, ovaal van vorm Hoe meer glans hoe gezonder de vogel, hoe minder glans hoe moeilijker het is om dit ei uit te broeden, daar de poriën groter zijn en het ei sneller uitdroogt. Zo'n ei noemen we ook wel een kalkei en deze kun je maar beter niet in de broedmachine leggen omdat je met de kuikens uit deze eieren veel problemen krijgt. De glans is dus door de natuur zo geregeld om de juiste hoeveelheid vocht in het ei te bewaren. De schaal is poreus en 1,6 mm dik. De eieren zijn bijzonder sterk en kunnen een gewicht dragen van 115 kg. Een Struisvogelei heeft een inhoud die vergelijkbaar is met de inhoud van ongeveer 30 kippeneieren. Hoeveel eieren kan een Struisvogel per jaar leggen? Het legseizoen begint bij ons eind februari, begin maart. Als een vogel 2 jaar is begint ze sporadisch een ei te leggen. Het 2e legseizoen leggen ze al behoorlijk wat eieren en als ze 5 jaar zijn, zijn ze eigenlijk pas volwassen en kan een hen per seizoen tussen de 60 en 80 eieren leggen. Naar men zegt kan een Struisvogelhen ongeveer 35 jaar lang eieren produceren. Een hen in de leg kan elke 3 dagen een ei leggen. Bij ons leggen de hennen elke dag tussen 17.00 en 20.00 uur hun eieren.


Struisvogel-, emoe- en kippeneieren

Het uitbroeden van de eieren

Als er een ei in de wei van de Struisvogels ligt, halen we dat er met zorg uit en spoelen het met heet water af om het te ontsmetten en om poep en vuiligheid te verwijderen. We kunnen dit ook op een andere manier doen met behulp van speciale producten, wat niet altijd als goed wordt beschouwd. Hierna leggen we deze eieren op een koele plaats, bijv. in een oude koelkast of in de kelder. Deze eieren kunnen daar 10 dagen blijven liggen. Hier moeten de eieren wel elke dag gedraaid worden, zodanig dat de dooier niet gaat vast zitten aan de eierschaal. Daarna gaan de eieren in de broedmachine, waar ze 42 dagen in moeten blijven. Het is jammer dat we niet vooraf kunnen zien of een ei wel of niet bevrucht is. Dit kan pas als het ei 14 dagen in de broedmachine ligt. We kunnen het ei dan met een halogeenlamp doorschemeren, bovenin zien we heel mooi de luchtkamer. Is het eronder volledig zwart dan is het ei bevrucht, is het licht en kunnen we er ook doorheen kijken, dan is het een onbevrucht ei.

Een Struisvogelei dat veel oneffenheden heeft leggen we niet in de broedmachine. Bij de kuikens uit deze eieren is de kans groot dat ze geboren worden met een navelzakontsteking en dit kan besmettelijk zijn. In de broedmachine gaat het kantelen van de eieren automatisch. Wat elke dag gecontroleerd en nagekeken moet worden is de temperatuur en de luchtvochtigheid binnen in de machine. Ervaring leert dat dit heel nauwkeurig dient te gebeuren. De temperatuur dient constant te zijn, zo'n 36,2 graden. Hiervoor is een temperatuurmeter aangebracht en deze kunnen we gemakkelijk aan de buitenkant aflezen.

De luchtvochtigheid is ook van groot belang, bij een te lage vochtigheid droogt het kuiken uit, bij een te hoge vochtigheid krijg je kuikens met heel veel vocht in het lichaam. De benen gaan langzaam spreiden en dan krijg je kuikens met zwempoten. Dit probleem hebben we proberen op te lossen door de poten tegen het lichaam vast te binden, de vogels zagen er op dat moment net uit als worstjes. De ervaring hiermee is, dat het zeer arbeidsintensief is met als gevolg dat er slechts een klein aantal van zulke vogeltjes blijft leven. Het overgrote deel sterft alsnog. Als de vogels een aangeboren afwijking hebben is het erg moeilijk om ze te laten overleven.

Daar de schaal zo dik is laten we de eieren tot 39 dagen in de broedmachine liggen en de laatste 3 dagen leggen we ze in een uitkomstkast of couveuse, waar de eieren tot rust komen omdat ze hier niet meer kantelen. De temperatuur laten we reeds iets zakken, zodat het kuiken wat actiever wordt om uit het ei te komen. Op dit moment kunnen we heel duidelijk met een halogeenlamp zien of het kuiken al in de luchtkamer zit. Het kan ongeveer l dag daar zitten en dan moet het echt geboren worden, anders is de lucht op en stikt het kuiken. Dit houden we zeer goed in de gaten, als het te lang duurt moeten we het kuiken helpen. Als een kuiken begint uit het ei te komen dan moet dit zeker binnen 24 uur gelukt zijn. Zoniet, dan is het kuiken te zwak en zal het de eerste levensmaanden niet doorkomen. Als het eenmaal uit het ei is gekomen is de Struisvogel ongeveer zo groot als een kip.


De Struisvogel komt uit het ei

Niet elk ei dat we in de broedmachine plaatsen is bevrucht. Als er een Struisvogelkuiken geboren wordt, kan het meestal na een paar uur al lekker rondhuppelen. De eerste levensdagen is het niet noodzakelijk dat het diertje al veel eten krijgt daar het nog een deel van de dooierzak bij zich draagt dat als voedsel dient. Deze moet eerst goed verteerd zijn alvorens we ze meel geven.

Hoe krijg je een kuiken dat nog niet gewend is aan voer nu aan het eten? Je kunt over het meel wat jong gras strooien. Dit is natuurlijk van kleur en de kans bestaat dat hij dit direct probeert te eten. Een andere mogelijkheid is door een iets ouder kuiken bij de pasgeborenen te laten lopen, immers: zien eten doet eten. Heel belangrijk is ook de ruimte waar de jonge vogeltjes vertoeven. Deze moet goed verwarmd worden, daar het in de broedkast en de uitkomstkast toch meer dan 30 graden warm is. Daarom worden er nog warmtelampen opgehangen waar ze lekker onder kunnen liggen.

De grond waarop ze liggen mag niet te koud zijn. Dit lossen we vanaf dit jaar op met speciale matrassen van rubber, zodat ze niet op de koude vloer liggen. Hun ingewanden kunnen door de kou stil komen te liggen en dat heeft vaak de dood tot gevolg. We moeten zorgen dat de dieren 2 keer per dag vers drinkwater krijgen. Ook hier geldt dat het sneller geaccepteerd wordt als je er gras op strooit. Als je 2 groepjes jonge dieren hebt is het verstandig dat ze elkaar niet direct zien door bijvoorbeeld een afscheiding van gaas. Dit houdt verband met het kuddegevoel van de Struisvogel, ze willen naar elkaar toe en zullen zich verwonden aan het gaas. Wanneer het in de quarantainekamer te koud is gaan de vogels massaal boven op elkaar liggen. Als het aangenaam warm is liggen ze niet onder de warmtelampen maar door heel het hok verspreid.


Een kudde jonge struisvogels

De groei en de voeding van de Struisvogel

Als een Struisvogel uit het ei komt is hij ongeveer zo groot als een kip. Het kuiken weegt tussen de 800 en l000 gram. Hij heeft dan een mooie verenpracht in de kleuren beige, bruin en zwart. Een pasgeboren kuiken dient men met zorg te behandelen.


Een Struisvogelkuiken

De eerste dagen blijft het kuiken nog in de uitkomstkast tot het goed is opgedroogd, daarna gaat het naar de quarantainekamer, onder de warmtelampen en bij eerder uitgekomen kuikens. Dan is het wel van belang dat een kuiken goed drinkt, voeding is nog niet noodzakelijk. Na een dag of drie, als de ingewanden gaan werken, waardoor ze dus ontlasting krijgen, dan kun je beginnen wat speciaal startvoer te geven. Hieraan moeten ze gewend worden en dit voer wordt dan ook met kleine hoeveelheden tegelijk gegeven. Wel moet je ervoor zorgen dat ze de hele dag te eten hebben. Eenmaal in de groei, groeit een Struisvogelkuiken 1 cm per dag, wat erg veel is. Het is dus zeer zeker noodzakelijk dat er veel aandacht aan de hygiëne en voeding wordt besteed. Als de vogel eenmaal goed groeit begin je na een maand of 4 langzamerhand over te schakelen op volwaardig voer, wat men onderhoud- of ruivoer noemt. Het eten wordt in de keel verzameld en regelmatig heffen ze hun nek omhoog, zodanig dat het eten langs de slokdarm naar beneden kan zakken, dit is heel erg goed zichtbaar.


Etende Struisvogels

Als ze drinken moeten ze echter de nek elke keer omhoog doen, zodanig dat het water kan doorglijden. Een Struisvogel is een erg nieuwsgierig dier en hij pikt naar alles wat hij maar ziet liggen. Je moet er dus wel alert op zijn dat er in de weide geen spijkers, glas of andere glinsterende voorwerpen liggen, want deze worden door de vogels direct opgepikt. Scherpe voorwerpen in hun maag of darmen veroorzaken, zo kun je wel raden, inwendige bloedingen die niet te stoppen zijn en waaraan ze dus doodgaan. Ook gevaarlijk zijn spijkers die niet goed zijn weggewerkt aan hun stal of hok. Als ze zich hieraan haken scheurt hun vel direct een heel stuk, wat dan gehecht moet worden.

Als de vogels tussen de 6 maanden en 1 jaar oud zijn gaan ze ruien: je ziet dan hele mooie, jonge veertjes onder hun oude verenpracht naar buiten komen. Vanaf die periode kunnen we ook gaan waarnemen of een vogel een haan of een hen is.


Een haan en een hen

Hennen worden mooi zilvergrijs van kleur, met prachtige witte veren onder aan hun vleugels. Hanen krijgen gitzwarte veren met eveneens witte veren aan hun vleugels en ook aan hun staart. Hanen verschillen ook in kleur van snavel en poten t.o.v. de hennen. In deze periode zijn ze in de hoogte volgroeid tot ongeveer 2,5 meter hoog. Ze wegen op de leeftijd van 12 maanden bijna 100 kg. Als de vogels 1 jaar geweest zijn worden het eigenlijk pas mooie dieren. Ze groeien nu niet meer in de lengte maar wel in de breedte. Hun verenpracht krijgt prachtige mooie veren en deze gaan erg mooi blinken. Vogels in de leeftijd van 1 jaar en ouder krijgen weer iets anders te eten. Nu kun je een keuze gaan maken uit veel mogelijkheden. Prioriteit is echter wel dat een speciaal meel wordt toegediend waar alle voedingsstoffen en vitaminen in zijn verwerkt die ze nodig hebben.

Je kunt ze bijvoeren met bijvoorbeeld:

  • Luzernehooi of luzerne brokken, grasbrokken
  • Maïskorrels, tarwe en haver
  • Sojaschroot
  • Bietenpulp
  • Aardappeltjes

Bietenpulp mag echter niet in brokken gegeven worden, want deze zetten uit in de maag en dit leidt tot verstoppingen. Het wordt daarom ook eerst een nacht geweekt in water zodat het al uitgezet is. Van bietenpulp krijgen ze wel veel dorst, dus moet je zorgen dat er voldoende water in de buurt is. Bietenpulp is goed voer wanneer de vogels eens wat minder eten, door kou of door eventueel opkomende ziektes. Het is lekker zoet, maar de vogels krijgen er ook dorst van en gaan dus weer drinken. Wij gebruiken vaak bietenpulp bij kleine kuikens als ze moeilijk eten willen accepteren.

Verse tarwe is niet echt goed, je moet zorgen dat het al zeker een paar maanden oud is, anders heb je kans dat ze er dunne ontlasting van krijgen, wat dan ook weer moeilijk te stoppen is. In de natuur is het voor de Struisvogels elke dag weer zoeken naar alles wat ze kunnen eten en drinken. Ze eten bijvoorbeeld grassen, verorberen zaden en vruchten, vangen insecten, hagedissen en alle kleine dieren die binnen het bereik van hun snavel komen. Dat Struisvogels ook kleine insecten eten kunnen we heel goed zien aan de hekken van de stallen. Overal waar ze bij kunnen zijn de spinnenwebjes met spinnen weg. Als het te hek hoog is, dan kun je bij de kleine vogels de spinnenwebjes nog zien zitten. Struisvogels eten ook steentjes, dit heeft als effect dat het voedsel in de maag goed gemalen kan worden.

Huisvesting van broedvogels

De beste methode van huisvesting voor een pasgeboren Struisvogel is om hem warm en vooral ook droog te huisvesten. Men zegt dat de Struisvogel het beste een ondergrond met vloerverwarming heeft en dat men boven de vogels warmtelampen kan hangen om ze op temperatuur te houden. Een warme ondergrond dient vooral om hun buik die geen verenbed heeft te verwarmen, anders worden hun ingewanden koud en werken deze niet voldoende om de spijsvertering op gang te doen komen. In de praktijk is vloerverwarming bijna niet te realiseren, daar de kuikens ook wel eens in een andere ruimte zitten als je plaatsgebrek hebt. Wij hebben in ieder geval geen vloerverwarming. Het is wel een optie voor de kleine vogeltjes. De eerste levensmaanden zitten de kuikens wel in een quarantainekamer. Dat houdt in dat men de vogels achter glas kan bekijken. De warmte blijft dan binnen, de deuren blijven gesloten wat ook het infectiegevaar van buiten af kleiner maakt. Als de deur niet zo vaak opengaat heb je minder tocht dus ook minder kans dat de kleintjes longontsteking krijgen, wat toch wel een grote doodsoorzaak onder de kleine vogeltjes is.

Na drie maanden krijgen de vogels een groter hok en een ruime weide waar ze volop van de buitenlucht kunnen genieten. Het is een dier dat niet in een stal opgesloten kan worden. Ze hebben er behoefte aan om hun poten te kunnen strekken, te rennen en pirouetten te draaien. Op de leeftijd van 1 jaar hebben ze qua huisvesting in de zomer eigenlijk alleen een wei nodig. Ze slapen het liefst buiten. Wel moet er in geval van slecht weer een schuilhok zijn. Een Struisvogel is geen dier dat je de hele winter kunt opsluiten. Hij heeft echt wel beweging nodig anders worden de poten te stijf en dan zou je problemen kunnen krijgen, zoals gebroken ledematen.

Het klimaat houdt hem echter helemaal niet tegen om naar buiten te gaan, regen en wind vinden ze niet erg. Ze vinden het zelfs fijn om in modderplassen te gaan liggen. Het is het beste om de vogels overdag buiten te laten en 's avonds op te sluiten tot de volgende morgen. We zorgen er dan voor dat de stal lekker droog is, zodat ze goed kunnen opdrogen. Natte poten kunnen ook het probleem geven dat de gewrichten gaan zwellen en die moeten we dan insmeren met Arnicazalf. Als het echt gaat sneeuwen of vriezen dan zijn ze wel verplicht binnen te blijven want op een gladde ondergrond kunnen ze hun poten kapot lopen, uitglijden of hun poot breken. Als ze een paar dagen in de stal opgesloten hebben gezeten laten we ze heel voorzichtig naar buiten gaan. Ze gaan dan echt hard rennen en draaien mooie pirouettes, ze leven zich helemaal uit.


Struisvogels in de wei

Hoe slaapt een Struisvogel?

Wanneer Struisvogels gaan slapen, gaan ze zitten en leggen ze meestal hun nek lang over de grond. Ze hebben hun ogen dicht. De leider slaapt niet, hij blijft wakker om over zijn kudde te waken. Als de leider te moe is om te waken wordt zijn taak overgenomen door een andere Struisvogel.

Verhuizen van dieren

Het is niet zo eenvoudig om een haan of een hen van groep of stal te verplaatsen. Vaak komt het voor dat het verplaatste dier een indringer is in de groep en niet wordt geaccepteerd, het wordt getrapt of verstoten. Dit is echter maar van korte duur, als je na de verhuizing even bij de kudde blijft. Pas na l of 2 dagen voelt het dier zich pas thuis in zijn nieuwe omgeving.


Stress bij Struisvogels

De grootste doodsoorzaak onder de Struisvogelkuikens is stress. Hier zijn natuurlijk een aantal oorzaken voor, toch is door onze ervaring dat wij u hierover wat kunnen vertellen. Een pasgeboren kuiken moet aan alles wennen. Geluiden om zich heen, eten, drinken enz. Eenzaamheid is een reden dat de vogeltjes gestresst kunnen raken. Het is erg moeilijk om een eenzaam pasgeboren kuiken in leven te houden. Dit hebben we geprobeerd door er speelgoed knuffels bij te leggen. Echter, deze gaan niet eten en drinken, dus ons kuiken ook niet. Door het niet eten en drinken vermindert het immuniteitssysteem en heb je kans dat een verzwakt kuiken vlugger infecties oploopt. Op een gegeven moment is het kuiken te zwak om te staan, ze krijgen ook koude poten en dan is het helaas te laat en gaat het kuiken dood.

Een kuiken is erg schrikachtig en herkent nog geen geluiden. Hier kunnen ze aan wennen of niet. Als ze niet aan allerlei geluiden op de boerderij gewend raken, kunnen ze stress krijgen. Dit kan tot gevolg hebben dat ze een geluid gaan uitbrengen, een soort roep, ze worden erg zenuwachtig en schichtig, stoppen met eten of drinken, worden dan zwak en gaan dood. Een kleine Struisvogel die van weide of hok veranderd is, is ook erg stressgevoelig. Erg belangrijk is dan de aandacht die je aan de dieren kunt geven. Dit kun je doen door ze met rust te laten of door ertussen te lopen, ze aan halen, te strelen en te knuffelen. Dit voorkomt onrust onder de dieren en ze voelen zich op hun gemak. De verzorging is op dat moment van groot belang.

Aan de voerbak en drinkbak moet ook altijd plaats genoeg zijn voor de kleine dieren. Zo niet, dan heb je kans dat er op een gegeven moment geen eten en drinken meer is en zijn er misschien kleine vogeltjes die nog niets gehad hebben, ook dan kan er stress optreden. Ruimte, rust, kalmte, een dagelijkse regelmaat met zo weinig mogelijk storing, bevordert het welzijn van de Struisvogel. De jonge dieren hebben er meer behoefte aan dan de oudere. Het is ook om die reden dat een bezoek aan de kweekhokken niet zomaar kan plaatsvinden. Bij volwassen Struisvogels betekent stress een mindere eierproductie of een lagere bevruchtingsgraad van de eieren. Een gevolg van de stress kan ook zijn dat de maag niet meer functioneert en als die eenmaal stilligt, is het kuiken ook ten dode opgeschreven.

Hoe kunnen we dus stress voorkomen?

Een goede huisvesting, droog en warm, is voor de kleine kuikens echt van levensbelang. Regelmatige geluiden, voldoende eten en drinken de hele dag, zo af en toe wat multi-vitamen in het water, veel rust. De vogels moeten niet alléén leven maar altijd in kleine groepjes.

Emoes

Ook hebben we op onze boerderij een koppeltje emoes lopen. Deze hadden we eigenlijk alleen maar gekocht om het verschil tussen de emoe en de Struisvogel aan te tonen. Maar nu zijn we reeds zo aan deze dieren gehecht geraakt dat we het toch ook wel weer leuk vinden om te proberen de eieren uit te broeden. Hoe ziet een emoe er nu uit, in vergelijking met de Struisvogel. Net als de Struisvogel is ook de emoe een loopvogel. Hij behoort wel tot de familie van de Struisvogels, evenals de nandoe en de kasuaris. Ze zijn een stuk kleiner dan de Struisvogels. Ze kunnen een hoogte bereiken van 180 cm tot en met het hoofd. De rughoogte is ongeveer l meter. Ze hebben ook heel andere poten. De benen scharnieren wel hetzelfde maar ze hebben aan de voeten 3 tenen welke bijna alledrie even groot zijn. Ze hebben dan ook 3 nagels, die aanmerkelijk kleiner zijn dan bij de Struisvogel. Ze wegen ook veel minder ongeveer 50 tot 60 kg voor een volwassen emoe. Bij Struisvogels kun je het verschil tussen haan en hen heel goed onderscheiden, bij de emoe is het verschil nauwelijks zichtbaar. Als je ze goed kent en je let er goed op hoe ze zich gedragen, dan zie je heel kleine verschillen. Zo heeft de hen een iets langere en bredere staart dan de haan. Het koppel heeft dezelfde kleur en dezelfde structuur van veren.


De emoe

Het is een compleet andere verenstructuur dan van de Struisvogel. Een Struisvogel is lief en kun je aaien, een emoe daarentegen kent wel diegene die hem verzorgt, ze weten ook wanneer je ze eten komt geven, maar je kunt ze eigenlijk niet aanraken. Wat ze wel heel mooi kunnen: sprongen maken in hun wei. Een Struisvogel maakt pirouetten, maar een emoe kan springen en ook heel mooi dansen. Ze zijn niet makkelijk even naar een andere weide te verhuizen. Een Struisvogel krijg je rustig door een doek over het hoofd te doen, dit lukt absoluut niet bij een emoe. Deze moet je als het ware opdrijven, net als koeien en andere dieren. Dan kun je ze verhuizen. Ze hebben ook wel een plaats nodig waar ze kunnen schuilen, maar meestal liggen ze buiten.

De Struisvogel legt ivoorkleurige eieren van 1,5 kg een emoe legt groene eieren die maar half zo groot zijn. Struisvogels leggen van maart tot oktober, emoes leggen van oktober tot maart. In de winter dus. Deze eieren moeten ongeveer 10 dagen langer in de broedmachine dan Struisvogeleieren. Gelukkig legt de emoe zijn eieren bij ons in het hok want die groene eieren zie je in de slik en modder buiten echt niet liggen. Ze willen ze ook wel eens verstoppen. Als je de eieren weghaalt, maakt het mannetje een bepaald geluid wat op het knorren van een varken lijkt. Soms denk je dat hij dan kwaad is omdat je het ei wegpakt.

Emoes zijn wel op dezelfde leeftijd als de Struisvogels volwassen, dus bij 2 à 3 jarige leeftijd. Een emoe kan in het legseizoen ongeveer 40 eieren leggen. Bij ons is het eerste legseizoen nu bezig en het varieert van 3 tot 4 eieren per week. De inhoud van een emoe-ei bestaat uit een heel grote dooier welke ongeveer 250 gram weegt en met, naar verhouding, heel weinig eiwit. De schaal is ook veel dunner dan bij Struisvogeleieren, dus ze zijn wel sneller kapot.

De emoe is niet zoals de Struisvogel afkomstig uit Zuid Afrika, maar uit Australië. In het wild eten ze ook alles wat er te vinden is. Bij ons krijgen ze in het legseizoen legmeel en verder onderhoudsvoer. Het gamma dat de Struisvogel eet, vinden onze emoes tot op heden nog niet lekker. Ze zullen het echter deze zomer toch moeten leren eten. Een emoe heeft geen vleugels zoals de Struisvogel, maar hele kleine vleugeltjes welke haast niet zichtbaar zijn, en waar je ze dus ook niet aan vast kunt pakken. De snavel van de beide vogels is ook heel erg verschillend. Niet stomp, rood of licht van kleur, maar heel erg donker. Zowel bij de haan als de hen is de snavel heel spits. Ze pikken niet aan je kleren of in je vinger zoals de Struisvogels, ze houden echt afstand. Een emoejong weegt ongeveer 500 gram een Struisvogelkuiken ongeveer 1 kilo. Dit is mijn vergelijking door ervaring, tussen de emoe en de Struisvogel. Ook op het gebied van emoes bestaat er tot op heden nauwelijks relevante documentatie voor ons bedrijf.

Weetjes

Kerken in Ethiopië hebben i.p.v. een haan een Struisvogel op de toren staan.

Bosjesmannen in de Kalahari-woestijn gebruiken de Struisvogeleieren voor verschillende doeleinden. Ze bakken het ei heel primitief door een open vuur te maken met sprokkelhout, en zorgen dat dit erg warm is, maken dan een putje in het midden, gooien de inhoud van het ei erin, wat weer overdekt wordt met assen en wachten dan een tijdje tot het ei gaar en eetbaar is. Met het lege ei gaan ze water halen. Daar de schaal niet poreus is kunnen ze het als een soort emmertje gebruiken.

Enkele malen per jaar worden de Struisvogels bij ons bespoten tegen de luizen. Deze luizen tasten de veren en de huid van de Struisvogels aan en de beesten hebben er veel last van. Ook hier geldt; voorkomen is beter dan genezen.

De nagels aan de poot van een Struisvogel groeien. In de natuur scherpen ze die door tegen rotsen aan te schrapen. Wij knippen ze eenmaal per jaar bij met een grote tang, want als de nagels te lang worden krijgen de dieren moeite met hard te lopen.

Om een Struisvogel te kunnen behandelen voor het een of ander moet je hem eerst vangen. Je doet dit door een halve mouw van een trui aan te trekken en het dier te lokken. Als hij vlakbij staat pak je hem bij de snavel vast en trek je snel de mouw over zijn kop heen. Dan ziet hij niets meer en zal niet weglopen.


Zo vang je een Struisvogel

Over Struisvogels wordt verteld dat ze hun kop in het zand steken, dit berust op een fabeltje. Dit is waarschijnlijk in het leven geroepen door hun gewoonte om bij verstoring op het nest de nek plat op de grond uit te strekken. Als een Struisvogel in het hoge gras naar insecten of steentjes staat te pikken lijkt het van een afstandje of de kop in de grond verdwijnt. Gezichtsbedrog dus…!

Milieuvriendelijk?

Struisvogels produceren urine en mest, ze verspreiden weinig geur en maken nog minder geluid. Of dat hinderlijk is voor mens en milieu kan de bezoeker van ons bedrijf zelf ervaren. Er zijn bepalingen die het aantal volwassen vogels en kuikens per beschikbare oppervlakte regelen. De weiden kunnen de mest op natuurlijke wijze verwerken zonder gevaar voor het grondwater.

Wat kun je allemaal gebruiken van de Struisvogel?

Wanneer een Struisvogel een leeftijd bereikt van ongeveer 12 maanden moet je de keuze maken; laat ik hem slachten, of wordt het een broedvogel? Als je de vogel laat slachten kun je een heleboel van de vogel gebruiken. Ten eerste heb je het vlees. Struisvogelvlees is rood van kleur, de smaak ervan ligt tussen rundvlees en wild in. Het heeft een eigen aparte lekkere smaak. Het vlees is niet alleen licht verteerbaar en lekker, het is bovendien ook erg gezond. Het is op natuurlijke wijze gekweekt, is rijk aan proteïnen en is vet- en cholesterolarm. We kunnen verschillende vleesproducten onderscheiden, zoals: de filet, de supersteak en het stoofvlees, gehakt en ragoutvlees. De nek kun je, even als die van een kip of kalkoen gebruiken om bouillon van te trekken. Ten tweede hebben we de huid. Deze wordt in de slagerij netjes gepluimd, daarna gaat hij naar de leerlooierij. Daar wordt hij behandeld tot een mooie lederen huid en tenslotte in diverse kleuren geprepareerd. Het is een uitstekend product om handtassen, portefeuilles etc. van te laten maken.


Struisvogelleer

Ten derde: van het vet en olie van de Struisvogel worden cosmeticaproducten gemaakt, zoals handcrème, shampoo e.d. Als laatste kun je natuurlijk ook heel wat doen met de eieren van de Struisvogel, o.a. koekjes of cake bakken. Ook kun je overheerlijke advocaat van het eigeel maken.

Uitleg over de cosmetica

Alle cosmetica zijn op basis van Struisvogelolie. Verder worden nog toegevoegd: vitamine B, vitamine E, fruitzuurester, betaglucan, en zelfs in één product bijenwas. De volgende producten worden van Struisvogelolie vervaardigd: huidlotion, dag-, nacht-, hand- en massagecreme, shampoo, douchegel, badolie, haar-, en struisbalsem.


HOFSTEDE MONNIKENWERVE

Theo en Susanne de Bruyckere - Karels
Floris, Carmen en Dimitri

Hogeweg 1 - 4524 KG Sluis
Tel. / Fax. (0031)0117 492131
GSM (0031) 06 - 22422520

© 2006 Struisvogelboerderij Monnikenwerve / powered by easy-content